Protocol Veiligheid gebruiksrecht zwemmen

In dit protocol (versie 2025/2026) staat wie er verantwoordelijk is wanneer een huurder zwembadwater gebruikt. Met de huurder worden afspraken gemaakt over de regels en plichten. Zo zorgen we er samen voor dat iedereen veilig kan zwemmen.

In dit protocol wordt ingegaan op het aansprakelijkheidsvraagstuk bij het gebruiken van zwembadwater door een partij. Daarnaast zijn hierin de afspraken opgenomen die de gemeente Utrecht met alle betrokkenen gemaakt heeft om het zwemmen zo veilig mogelijk te laten verlopen. Belangrijk om hierop te merken is dat er bij het zwemmen sprake is van een gedeelde verantwoordelijkheid. Onder de gebruiker wordt in dit protocol verstaan: een zwem- of duikvereniging of overige huurders die al dan niet tegen betaling gebruik mag maken van een zwembassin of onderdeel daarvan in een van de Utrechtse zwembad locaties.

Er bestaat geen wet- of regelgeving die specifiek ingaat op de aansprakelijkheid bij het gebruik van een zwembassin. Bij het in gebruik geven van een zwembassin gelden wel bijzondere aansprakelijkheidsrisico’s. Daarom willen partijen met betrekking tot deze aansprakelijkheid praktische afspraken maken. De gemeente Utrecht hanteert deze afspraken als een protocol en legt dit op aan alle gebruikers.

Zowel de gebruiker als de zwembadexploitant (de gemeente) hebben te maken met het Besluit Activiteiten Leefomgeving (BAL). Dit besluit stelt algemene voorwaarden waaraan elke badinrichting moet voldoen. Belangrijk in dit verband is hoofdstuk 15 Gelegenheid bieden tot zwemmen en baden. In het algemeen moet worden aangenomen dat zowel in kwalitatief als in kwantitatief opzicht het toezicht voldoende moet zijn. Zowel het aantal toezichthouders in het zwembad als de vereiste vaardigheid waarover deze personen moeten beschikken spelen dus een rol. Hierover moeten bij het in gebruik geven van zwemwater afspraken worden gemaakt.

Voor de gebruiker is de wetgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden van belang. De wetgever heeft daarin namelijk bepaald dat werkgevers een verplichting hebben om zorg te dragen voor de veiligheid, gezondheid en welzijn van hun werknemers. Deze bepaling geldt ook voor de relatie tussen de gebruiker en de leden. De zorgplicht van de gebruiker vloeit dus niet alleen voort uit de zorgvuldigheidsnorm, maar ook uit dit wetsartikel.

Als gevolg van het aangaan van een gebruiksovereenkomst ten aanzien van gebruik van (een deel van) een zwembassin, verplicht de gebruiker zich te zorgen voor de veiligheid van de zwemmers, alsmede de personen die namens de gebruiker op dit gebruik toezicht houden. In dit verband is de gebruiker in algemene zin verantwoordelijk voor:

Het beschikbaar hebben en opleiden van de eigen toezichthouders (dat zijn personen die namens de gebruiker toezicht houden op het gebruik van het zwembassin en de veiligheid van de namens gebruiker in het zwembassin aanwezige zwemmers);

  • het regelmatig doch minimaal 1 keer per 2 jaar (laten) toetsen van de toezichthouders op hun reddingvaardigheid;
  • nieuwe toezichthouders laten toetsen op hun reddingvaardigheid voordat zij hun functie gaan uitoefenen;
  • het overleggen van een kopie van de behaalde certificaten door alle toezichthouders;
  • het overleggen van een overzicht waaruit blijkt dat alle toezichthouders in het bezit zijn van een VOG (verklaring omtrent het gedrag / screeningsprofiel Onderwijs of een samengesteld algemeen screeningsprofiel, minimaal nummer 84 of 85). Alle medewerkers van de gemeente die werken voor de Utrechtse zwembaden zijn in het bezit van een verzwaard VOG.
  • het op de hoogte zijn van het toezicht- en bedrijfsnoodplan en deelname aan oefeningen;
  • toezicht op het naleven van het protocol;
  • de aanwezigheid van voldoende en gekwalificeerde toezichthouders tijdens gebruik van het zwembassin.

Binnen de gemeente zijn er een beperkt aantal personen die toegang hebben tot deze gegevens. Dat betreft de locatiemanager en de medewerkers van Vastgoedadministratie die de protocollen moeten verwerken. Deze gegevens worden 1 jaar bewaard, gedurende het lopende zwemseizoen. Zodra gebruiker een nieuwe lijst opstuurt voor het nieuwe seizoen worden de oude gegevens handmatig verwijderd. Indien de gebruiker verzuimt een nieuwe lijst aan te leveren dan worden de oude gegevens langer bewaard, tot uiterlijk 1 oktober van het nieuwe seizoen. Indien er dan nog geen nieuwe lijst aangeleverd is wordt de lijst van het vorige seizoen ook verwijderd en kan de gebruiker geen gebruik meer maken van het zwembad.

Ook de gemeente Utrecht heeft als eigenaar van zwemlocaties een zorgplicht. Het team Vastgoed Exploitatie van de afdeling Stadsbedrijven van de gemeente Utrecht treedt als exploitant op en heeft voor de exploitatie medewerkers in dienst met gedelegeerde verantwoordelijkheden. Zij heeft de taak te waken over de gezondheid en veiligheid van het zwemmende publiek, om zo de kans op ongelukken zoveel mogelijk te beperken.

De gemeente Utrecht is als zwembad exploitant verantwoordelijk voor:

  • een deugdelijk gebouw;
  • een deugdelijk zwembassin; deugdelijke voorzieningen;
  • het beschikbaar hebben van voldoende EHBO’ers respectievelijk Bhv’ers;
  • een bedrijfsnoodplan en het oefenen hiermee in samenwerking met de gebruikers;
  • het zwembassin minimaal 1 keer per 2 jaar ter beschikking stellen voor de gebruiker om de Zwemmend Redden voor Zwembaden toets af te leggen;
  • het zwembassin ter beschikking stellen van water voor de gebruiker om de Zwemmend Redden voor Zwembaden toets af te leggen voor nieuwe toezichthouders;
  • het opstellen, evalueren en eventueel bijstellen van dit protocol.

Bijzondere eisen aan groepsgrootte, toezichthouders en toetsing

3.3.1 Groepsgrootte

Aan de groepsgrootte van het aantal gebruikers dat namens gebruiker van het zwembassin gebruik maakt, stelt de gemeente de volgende eisen met betrekking tot toezicht: tot en met 75 personen is minimaal 1 toezichthouder nodig op het 25 meter bassin en doelgroepenbad.

Er zijn minimaal 2 toezichthouders nodig op het 50 meter bassin en het zwembassin voor recreatiefgebruik.

Bij meer dan 75 personen in het 25 meter bassin; 50 meter bassin en zwembassin voor recreatief gebruik dient op het basis aantal toezichthouders een extra toezichthouder aanwezig te zijn.

3.3.2 Toezichthouders en gebruikers

Aan de namens de gebruiker in het zwembassin aanwezige toezichthouder(s) stelt de gemeente

Utrecht de navolgende eisen:

• indien de gebruiker zelf niet voor voldoende toezichthouders kan zorgen, zal deze een toezichthouder van de badinrichting tijdelijk moeten inhuren tegen een jaarlijks actueel vastgesteld uurtarief;

• elke bevoegde toezichthouder namens de gebruiker moet kunnen zwemmend redden (indien bassins/waterdiepte > 35 cm.) en zal in het bezit moeten zijn van tenminste 1 van de onderstaande diploma`s of brevetten. Als voldoende te beschouwen diploma’s zwemmend redden zijn (de lijst is niet limitatief):

  • Zwemmend redden voor zwembaden
  • Zwemleider A (KNZB)
  • (Assistent) zwemonderwijzer
  • CIOS met specialisatie “zwemmen”
  • M.O. lichamelijke opvoeding
  • Trainer diploma A (KNZB)
  • Zweminstructeur A (KNBRD)
  • NOB-brevet 2*-duiker (Rescue Diver) met module duikleider en de brevetten van andere duikorganisaties, zoals daar zijn IANTD, TCI, die daaraan gelijk gesteld zijn
  • PADI-duiker Rescue inclusief EFR (voorheen MFA)

• elke toezichthouder is verplicht regelmatig doch minimaal één keer per twee jaar een reddingvaardigheidstoets af te leggen (zie bijlage 1a), leden van een duikvereniging mogen de toets voor duikers afleggen (zie bijlage 1b.);

• de toezichthouder is minimaal 18 jaar;

• indien een gecertificeerd toezichthouder niet meer of tijdelijk niet meer kan voldoen aan de eisen van de vaardigheidstoets, b.v. zwangerschap of medische beperking, kan diegene blijven functioneren als toezichthouder, mits in samenwerking met een toezichthouder van de gebruiker dat in het bezit is van één of meer bovengenoemde diploma’s/certificaten en het certificaat van de reddingvaardigheidstest. Beiden zijn op dat moment verantwoordelijk voor het toezicht op het zwembassin;

• de toezichthouder is op de hoogte van het toezicht- en bedrijfsnoodplan.

• bij zelfbeheer/medebeheer dient men deel te nemen aan de jaarlijks terugkerende ontruimingsoefening georganiseerd en gefaciliteerd door het betreffende zwembad.

De gebruiker is verplicht, voor de start van het gebruik, aan de gemeente Utrecht een toezichtplan over te leggen waarin wordt beschreven op welke wijze de toezichthouders toezicht uitoefenen in het bad. Indien en voor zover een dergelijk plan er niet is en niet door de gemeente is goedgekeurd, worden door de gemeente Utrecht aan het toezicht zelf in ieder geval de volgende eisen gesteld:

• voorafgaand aan het gebruik door de gebruiker noteert een vertegenwoordiger, wie op de betreffende dag verantwoordelijk en bevoegd is voor het toezicht op het bassin, zijn naam en het tijdsbestek waarvoor degene verantwoordelijk is in het logboek. Bij een gedeelde verantwoordelijkheid worden beide namen genoteerd, met de betreffende uren waarop toezicht wordt gehouden. Gebruiker gebruikt hiervoor het logboek ex bijlage 4;

• in de laatste kolom van bijlage 4 (‘aantal personen per uur’) wordt het maximum aantal personen, dat tegelijkertijd in het water aanwezig is, ingevuld.

• de verantwoordelijke van de vereniging/ gebruiker houdt toezicht op het invullen van het logboek. Nieuwe logboekformulieren zitten achter in de map;

• elke toezichthouder dient zich, op de kant aan of nabij de rand van het bassin te bevinden en zal actief toezicht houden op de activiteiten in het bassin;

• een toezichthouder die door de gebruiker bekwaam verklaard wordt op grond van de succesvol behaalde toets (Zwemmend redden voor zwembaden), maar NIET bevoegd is tot het zelfstandig geven van zwemles of -training, mag het toezicht uitsluitend uitoefenen in samenwerking met een toezichthouder kaderlid dat wel volledig bevoegd is op basis van alle voornoemde eisen. Beide personen zijn op dat moment verantwoordelijk voor het toezicht op het bassin;

• bij een ongeval zorgt de toezichthouder voor het invullen van een ongevallenformulier (zie bijlage 3 of een vergelijkbaar eigen ongevallenformulier) en stelt de gemeente op de hoogte van het voorval.

Aan het toetsen van de toezichthouders stelt de gemeente Utrecht de navolgende eisen:

  • Toezichthouders worden door het bestuur van de gebruiker bij de gemeente schriftelijk voorgedragen.
  • De toetsing vindt minimaal 1 keer per twee jaar plaats bij voorkeur in het voorjaar.
  • De toezichthouder is in het bezit van 1 van de hierboven (3.3.2) genoemde als voldoende beschouwde diploma’s zwemmend redden.
  • Elke toezichthouder ontvangt bij het naar behoren afleggen van de toetsing, hiervan een certificaat.

Planning:

  • De gebruiker dient een aanvraag voor de gewenste afname van de toets in per e-mail bij de locatiemanager (zie bijlage 2), minimaal 4 weken voor aanvang van de toetsing, de aanvraag is tevens voorzien van namen, geboortedata en bevoegdheid van de deelnemers.
  • De gemeente Utrecht, in de persoon van de locatiemanager van het betreffende zwembassin is verantwoordelijk voor de planning van de toetsing.

Uitvoer:

  • De gebruiker regelt zelf een opleiding die voldoet aan de eisen van het Zwemmend redden voor zwembaden, Dan volstaat het aanleveren van een geldig certificaat voor aanvang van de gebruiksperiode middels het eerder benoemde overzicht.
  • Indien wenselijk kan de Gemeente Utrecht ook voor een opleider zorgen.
  • De gemeente Utrecht dient dan tijdig te zorgen voor beschikbaarheid van badwater voor de toetsing.
  • De gebruiksvergoeding verbonden aan het gebruik van extra zwembassin water voor training m.b.t. de toetsing is voor rekening van de gebruiker.
  • De gebruiksvergoeding verbonden aan gebruik van het zwembassin voor toetsing is voor rekening van de gemeente Utrecht.
  • De kosten van de toetsing per deelnemer is voor rekening van de gebruiker.
  • De kosten kunnen per kalenderjaar worden opgevraagd bij de locatiemanager.

Gevolgen niet naleven protocol en informatie-uitwisseling

De gemeente Utrecht behoudt zich het recht voor om, bij niet naleven van het protocol, de gebruiker hierop aan te spreken en zo nodig maatregelen te nemen. In het uiterste geval kan dit leiden tot beëindiging van de gebruiksovereenkomst met de gebruiker.

Een verantwoorde en eenduidige uitvoering van het protocol valt of staat met de wijze waarop de betrokken personen en partijen geïnformeerd worden.

De toegang tot het complex is alleen toegestaan mits het protocol getekend met op elke pagina een PARAAF op tijd is ingeleverd.

Dit protocol wordt ieder jaar vernieuwd. Elke huurder ontvangt het protocol per e‑mail en moet het ondertekenen. Het protocol kan per huurder verschillen, afhankelijk van de afspraken die gemaakt zijn. Bij het protocol horen ook verschillende bijlagen, zoals:

  • eisen reddingvaardigheidstoets voor toezichthouders (niet-duikers)
  • eisen reddingvaardigheidstoets voor toezichthouders (duikers)
  • procedure voor aanvraag examen reddingvaardigheidstoets met formulieren
  • ongevallenformulier
  • logboek aanwezigheid toezichthouders